Op weg naar Gentle Teaching, zelfevaluatie van de begeleider

De persoon heeft, zeker op voor hem/haar moeilijke momenten, de onvoorwaardelijke en betrokken steun van de begeleider het hardst nodig. Ondanks de goede intenties lukt dat niet altijd. Dat wil niet zeggen dat we iets verkeerd doen, maar het kan ook betekenen dat de persoon onze intentie niet begrijpt of ervaart. Deze zelf-evaluatie is bedoeld om inzicht te krijgen in de kwaliteiten die we verder kunnen ontwikkelen of anders kunnen inzetten om de persoon daadwerkelijk de noodzakelijke ondersteuning te kunnen geven. Onderzoek na het invullen van de lijst waarom sommige kwaliteiten die je wel bezit de ene keer wel en de andere keer moeilijk of in het geheel niet tot hun recht komen.

Hulp bieden

Altijd

1    2    3    4    5

Zelden of nooit

Als ik zie dat een persoon iets moeilijk vindt of het ergens moeilijk mee heeft, bied ik mijn hulp aan op een manier die hij/zij als ondersteunend en betrokken ervaart.

Bescherming bieden

Altijd

1    2    3    4    5

Zelden of nooit

Als de persoon zich onzeker of bedreigd voelt, of als hij/zij neigt zichzelf schade toe te brengen, bied ik bescherming op een manier die hij/zij als veilig en betrokken ervaart.

Onvoorwaardelijkheid

Altijd

1    2    3    4    5

Zelden of nooit

Ik laat de persoon mijn betrokkenheid en ondersteuning ervaren, ongeacht wat hij doet.  

Gelijkwaardigheid

Altijd

1    2    3    4    5

Zelden of nooit

Door mijn manier van werken en mijn houding ten opzichte van de persoon voelt hij/zij zich gelijkwaardig

Betrokkenheid

Altijd

1    2    3    4    5

Zelden of nooit

De persoon ervaart dat ik vanuit persoonlijke betrokkenheid met hem/haar omga en hem/haar probeer te ondersteunen

Continuïteit van de interactie

Altijd

1    2    3    4    5

Zelden of nooit

Als ik in contact ben met een persoon, zorg ik ervoor dat ik zo op zijn/haar eventuele stemmingswisselingen inspeel dat ik het contact niet hoef te verbreken als hij/zij zich onprettig voelt en onrustig wordt

Flexibiliteit

Altijd

1    2    3    4    5

Zelden of nooit

Ik stem mijn acties en houding af op wat de persoon op het moment van het contact nodig heeft en aankan, zonder daarbij de perspectieven voor de langere termijn uit het oog te verliezen

Echtheid

Altijd

1    2    3    4    5

Zelden of nooit

Ik probeer bewust gevoelens van betrokkenheid en zorgzaamheid voor de persoon te ervaren, waardoor mijn houding niet gespeeld, maar echt is.

Beeldvorming

Altijd

1    2    3    4    5

Zelden of nooit

Het beeld dat ik over de persoon heb is gebaseerd op hoe hij/zij zich gedraagt, maar hoe ik denk dat hij/zij zich voelt en het leven ervaart.

Wederkerig contact

Altijd

1    2    3    4    5

Zelden of nooit

Als ik contact met de persoon maak, ben ik me ervan bewust dat ik soms de wederkerigheid nadrukkelijk moet stimuleren en ik doe dat dan ook.

Afstemming

Altijd

1    2    3    4    5

Zelden of nooit

Ik stem me in het contact af op de emoties van de persoon en probeer vanuit zijn/haar ervaringswereld het contact op te bouwen en te onderhouden. Ik deel ook mijn eigen gevoelens met de persoon op een voor hem/haar prettige manier

Enthousiasme

Altijd

1    2    3    4    5

Zelden of nooit

Ik straal enthousiasme uit en breng vrolijkheid en speelsheid in de relatie, ook als ik serieuze onderwerpen aan de orde stel. Ik verplaats me in de persoon en bied perspectief; als hij/zij verdriet heeft, deel ik zijn/haar verdriet, terwijl hij/zij kan delen in mijn vreugde.

Omgaan met irritatie of boosheid

Altijd

1    2    3    4    5

Zelden of nooit

Als ik merk dat ik me irriteer of boos wordt om het gedrag van de ander, onderzoek ik waar deze emotie precies door veroorzaakt wordt . Ik onderzoek onder andere of het te maken kan hebben met irreële verwachtingen ten aanzien van wat de persoon wel of niet kan, of dat het te maken heeft met mijn eigen gevoel van onmacht.

Stabiliteit brengen

Altijd

1    2    3    4    5

Zelden of nooit

Als de persoon onrustig is ga ik niet mee in de onrust, maar probeer ik bewust zelf rustig te blijven en rust uit te stralen. Als de persoon erg lusteloos is, probeer ik bewust levendigheid te ontlokken.

Omgaan met onmacht

Altijd

1    2    3    4    5

Zelden of nooit

Ik ben me er bewust van wanneer ik onmacht ervaar om situaties te verbeteren. Ik kan deze onmacht accepteren waardoor het zich niet uit in irritatie naar de ander, mezelf of omgevingsfactoren die ik als mogelijke oorzaak zie.

(Bege)leiden

Altijd

1    2    3    4    5

Zelden of nooit

Als de persoon zichzelf dreigt te verliezen in zijn/haar onrust en daardoor anderen of zichzelf kan schaden, maak ik intensiever warm contact en probeer zo de persoon door de moeilijke situatie te leiden, zonder dat hij zich door mij overheerst voelt

Volledige communicatie

Altijd

1    2    3    4    5

Zelden of nooit

Als ik tegen een persoon praat, probeer ik tevens oogcontact te maken en op een natuurlijke manier de persoon aan te raken (bijv. mijn hand op schouder, arm of hand van de persoon)